Alimentatie
woensdag, 16 juni 2010
Over de regels omtrent kinderalimentatie bestaat veel onduidelijkheid. Wanneer een kinderalimentatie betaald moet worden is meestal wel helder. In het echtscheidingsconvenant of in de beschikking van de rechter staat de ingangsdatum vermeld. Maar over wanneer de kinderalimentatie beëindigd kan worden bestaan veel misverstanden.Ook is het niet helder wat er gebeurd als het betrokken kind 18 jaar wordt en/of eigen inkomsten krijgt. Als de regels al verteld zijn tijdens de scheidingsbesprekingen, dan kan het makkelijk weer vergeten zijn. Veel gehoord is dat op internet ‘wel wat’ te vinden is, meestal zijn dat tegenstrijdige of onduidelijke berichten.
Enkele regels rond kinderalimentatie, 18 jaar en eigen inkomsten.
De hoogte van de kinderalimentatie wordt vastgesteld door een beschikking van de Rechtbank, bij notariële akte of onderlinge overeenkomst. Alleen als de kinderalimentatie in de beschikking of notariële akte is opgenomen, kan de betaling van de alimentatie afgedwongen worden door het LBIO, het incassobureau van Justitie. Zodra de vastgestelde kinderalimentatie niet op tijd, niet volledig of helemaal niet wordt voldaan, kan het LBIO tot incasso ervan overgaan. Dit bureau int de kinderbijdrage en betaalt dat vervolgens uit aan de ontvangende ouder.
Is het betreffende kind nog geen 18 jaar en woont het thuis, dan ontvangt de verzorgende ouder de kinderalimentatie. Zodra het kind 18 jaar wordt heeft deze een eigen recht op alimentatie, d.w.z. het bedrag wordt in principe aan het kind zelf betaald. Omdat het soms niet ‘handig’ is om een kind van die leeftijd een redelijk fors bedrag in handen te geven, wordt in het convenant gezet dat het bedrag wordt voldaan aan de verzorgende ouder, ook als het kind 18 jaar is geworden. De hoogte van de alimentatie blijft echter in principe hetzelfde. Ontstaan er problemen met de betaling van de alimentatie dan zal de 18-jarige zelf actie moeten ondernemen, ook als hij naar de rechter zal moeten. De alimentatieplicht duurt vort tot het 21e jaar van het kind.
Heeft het betreffende kind een eigen inkomen uit arbeid, dan heeft dit invloed op de hoogte van de kinderalimentatie. Dit geldt niet voor een zaterdag- of een vakantiebaantje, rondbrengen van kranten of folders of andere bijverdiensten. Bij eigen inkomsten dienen de inkomsten op het bedrag aan kinderalimentatie in mindering gebracht. Het nu gevonden bedrag is dan de hoogte van de kinderalimentatie. Een voorbeeld: hoogte van de kinderalimentatie is € 250,—per maand; het kind verdient € 150,—per maand; 250 – 150 = 100 zodat € 100,—het nieuwe alimentatiebedrag zal zijn. Dit is de meest eenvoudige methode.
De andere methode is ingewikkelder; eerst wordt gekeken wat de financiële behoefte van het betreffende kind is volgens de Nibudnormen; op dat bedrag worden de eigen inkomsten vaan het kind in mindering gebracht. Vervolgens wordt het overblijvende bedrag naar draagkracht verdeeld over beide ouders.
- Geschreven door Ton van de Berg op 16/06 om 08:42 AM
- Alimentatie •
Permalink
maandag, 15 februari 2010
Mijn ex-echtgenoot betaalt kinderalimentatie. Hij gaat nu samenwonen en zijn nieuwe partner heeft een eigen inkomen. Wordt het inkomen van zijn nieuwe partner meegerekend voor de kinderalimentatie? En moeten we opnieuw naar de Rechtbank?
Ja en nee; als de ex-partner, voor het gemak ‘de man’ te noemen, gaat samenwonen ‘als waren zij gehuwd’ (of huwt of een geregistreerd partnerschap aangaat) heeft het eigen inkomen van de nieuwe partner wel invloed op de hoogte van de alimentatie.
Niet in alle situaties wordt dat inkomen opgeteld bij het inkomen van de man. Als de nieuwe partner een gering inkomen heeft, wordt dat inkomen netto opgeteld bij het inkomen van de man. Hierdoor wordt zijn draagkracht in principe hoger. Echter ook aan de kostenkant verandert wat. Omdat de man vanwege het samenwonen meer onkosten heeft, gaat zijn draagkracht omlaag. Het is lastig om in het algemeen te zeggen of de man meer alimentatie kan betalen. Een proefberekening maakt duidelijk of het samenwonen invloed heeft op het bedrag van de alimentatie.
Anders is het als de man gaat samenwonen met een ander ‘als waren zij gehuwd’ en de nieuwe partner heeft een redelijk inkomen, kan in eigen onderhoud voorzien. In een dergelijke situatie wordt er van uitgegaan dat de nieuwe partner de helft van de woonkosten en enkele andere vaste lasten voor haar rekening neemt. In de alimentatieberekening wordt de man als ‘alleenstaande’ aangemerkt Hierdoor dalen de vaste lasten van de man, zodat hij een hoger bedrag aan alimentatie kan betalen. Uiteraard zijn ook de andere onkostenposten van invloed op de uitkomst van de berekening en dus de hoogte van het alimentatiebedrag. Ook hier zal een proefberekening uitkomst brengen in de uiteindelijke hoogte van het bedrag.
U hoeft in eerste instantie niet naar de rechter. Het is verstandig om eerst met de ex-partner te overleggen en te bekijken of u tot afspraken kunt komen. Lukt het niet helemaal met onderling overleg, kunt u besluiten om een echtscheidingsbemiddelaar in te schakelen. Ook dan wordt er overlegt, maar onder begeleiding van een deskundige. Bent u samen tot een besluit gekomen, dan wordt het nieuwe bedrag vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst; een contract welke door u beiden wordt ondertekend. Nu is het nieuwe bedrag vastgesteld en overeengekomen.
Maar het geldt ook omgekeerd; als de ontvangende partij gaat samenwonen, huwen of een geregistreerd partnerschap aangaat, kan dat ook gevolgen hebben voor de hoogte van de alimentatie zodat het bedrag lager kan worden. Ook dan zal een proefberekening een indicatie geven over het nieuwe bedrag.
Toch schuilt er nog een addertje onder het gras. Als de man de alimentatie niet op tijd, niet geheel of helemaal niet betaalt, is het lastig om de alimentatie af te dwingen. Om het alimentatiebedrag te kunnen laten incasseren bij achterstallige betalingen heeft u een akte van de notaris nodig. Het is daarom wenselijk om de vaststellingsovereenkomst om te laten zetten in een notariële akte met executoriale titel. Bij betalingsachterstand kunt u met deze akte in de hand het LBIO informeren. Dit incassobureau van Justitie zal dan tot incassering van de achterstand overgaan.
Is het niet mogelijk om onderling of in bemiddeling een nieuw bedrag vast te stellen, dan zal de rechter een uitspraak moeten doen. U moet dan een advocaat in de arm nemen en zal het een dure aangelegenheid worden.
- Geschreven door Ton van de Berg op 15/02 om 02:05 PM
- Alimentatie •
Permalink
vrijdag, 08 januari 2010
Jaarlijks stijgen de alimentatiebedragen met een bepaald percentage. Het percentage van de indexering wordt bepaald door de Minister van Justitie op grond van artikel 402-a Boek 1 B.
De jaarlijkse alimentatieverhoging wordt vastgesteld aan de hand van de ontwikkeling van de gemiddelde CAO-lonen in Nederland. Hierbij wordt rekening gehouden met de ontwikkeling van de lonen in het bedrijfsleven en bij de overheid en overige sectoren.
De alimentatieverhoging dient te worden berekend over de hoogte van de alimentatie welke van toepassing was op 31 december van het jaar voorafgaand aan het jaar van indexatie. Voor de verhoging van 2010 wordt dan ook uitgegaan van het alimentatiebedrag welke van toepassing was op 31 december 2009. Het indexeringspercentage voor 2010 bedraagt 2,3%. De indexering vindt van rechtswege plaats en er is dus geen overeenkomst of gerechtelijke uitspraak noodzakelijk.
Als de alimentatieverhoging niet wordt betaald, kunt u het LBIO inschakelen om de verhoging alsnog te laten innen.
Onderstaand vindt u een overzicht van de jaarlijkse percentages.
1 januari 1975 16% 1 januari 2000 2.5%
1 januari 1976 13% 1 januari 2001 3.3%
1 januari 1977 7% 1 januari 2002 4.6%
1 januari 1978 8% 1 januari 2003 3.9%
1 januari 1979 6% 1 januari 2004 2.5%
1 januari1980 6% 1 januari 2005 1.1%
1 januari 1981 4% 1 januari 2006 0.9%
1 januari 1982 3% 1 januari 2007 1.8%
1 januari 1983 0% 1 januari 2008 2.2%
1 januari 1983 6.4% 1 januari 2009 3.9%
1 januari 1984 0% 1 januari 2010 2.3%
1 januari 1985 0.5%
1 januari 1986 1.1%
1 januari 1987 1.3%
1 januari 1988 0.5%
1 januari 1989 1%
1 januari 1990 1.6%
1 januari 1991 3.2%
1 januari 1992 3.7%
1 januari 1993 4.2%
1 januari 1994 2.5%
1 januari 1995 1.3%
1 januari 1996 1.1%
1 januari 1997 1.7%
1 januari 1998 2.3%
1 januari 1999 3.3%
- Geschreven door Ton van de Berg op 08/01 om 01:28 PM
- Alimentatie •
Permalink